PAN NUTRIENT

Voedingsonderzoek bij PANFIRE studie

PAN NUTRIENT

Diëtiste Jill Witvliet is betrokken bij de PANFIRE-studie naar alvleesklierkanker in het VU Medisch Centrum in Amsterdam. Zij houdt zich bezig met PAN NUTRIENT, de voedingsstudie en voedingstherapie rond de periode waarin de tumor wordt behandeld. We vroegen haar naar hoe die therapie er in de praktijk uitziet.

Het belang van voedingstherapie bij tumorbestrijding

Het is bekend dat patiënten met alvleesklierkanker al snel ondervoed kunnen raken. Hoe komt dat?

Deze patiënten hebben vaak een slechte of verminderde eetlust. Ze zijn misselijk, kunnen het voedsel slecht verteren of er is sprake van een niet-gereguleerde, verhoogde hoeveelheid suikers in het bloed. Al deze symptomen kunnen het gevolg zijn van de tumor, maar ook van de behandeling. Door de voedingstoestand van de patiënt zo veel mogelijk op peil te houden, zorg je ervoor dat een actieve tumorbestrijding beter wordt verdragen en dat de patiënt minder snel vermoeid raakt.

 

Wat doe je dan concreet op voedingsgebied?

In eerste instantie proberen we met behulp van energie- en eiwitrijke maaltijden en tussendoortjes het gewichtsverlies te beperken. Of, liever nog, tot stilstand te brengen. Vaak is het nodig dat de patiënt extra pancreasenzymen slikt. Deze medicijnen bevorderen de vertering van voedsel.

Werkt dat altijd?

Als er onvoldoende effect optreedt, zetten we in de regel medische drinkvoeding in om de inname van voedingsstoffen te verhogen. Deze drinkvoeding is energie- en/of eiwitverrijkt. Als ook deze toepassing onvoldoende effect sorteert, kun je overstappen op sondevoeding. Dit is vloeibaar voedsel dat via een flexibel slangetje, de sonde, door de neus wordt toegediend. Sondevoeding kan een aanvulling zijn, maar ook de normale dagelijkse voeding compleet vervangen. De sonde leg je in de maag. Maar bij misselijkheidsklachten plaatsen we de sonde vaak voorbij de maag, in de dunne darm. Zo kun je misselijkheid beter tegengaan.

Is voedingstherapie hier altijd zinvol?

Het uiteindelijke effect van de voedingstherapie zal altijd afhankelijk zijn van hoe de ziekte verloopt. Zolang een tumor nog aanwezig is, zal het lichaam de voeding niet altijd even adequaat kunnen verwerken voor herstel of behoud van een goede voedingstoestand. Bij een voortschrijdend ziekteverloop zal het lichaam de voeding zelfs helemaal niet meer kunnen verdragen. Dan kan voeding zelfs een belasting voor het lichaam vormen. Daarom is het van groot belang bij elke patiënt de voordelen van intensieve voedingstherapie af te wegen tegen de nadelen. Dat geldt in het bijzonder bij sondevoeding. Indien er echter een actieve tumorbestrijding wordt toegepast, lijkt het heel wenselijk om ook een actieve, ondersteunende voedingstherapie in te zetten.

Voedingstesten, verslag december 2014

De alvleesklier is een orgaan dat betrokken is bij de vertering van voedingsstoffen. Aangezien patiënten met alvleesklierkanker een hoog risico lopen op ondervoeding wordt met enkele testen een aantal voedingsparameters in kaart gebracht. Deze testen vinden vóór en na de behandeling plaats. Zo kunnen we nagaan wat de invloed van de behandeling is op deze voedingsparameters en de voedingstoestand van de patiënt.

Lees meer

Voorafgaand aan de testen hebben de patiënten thuis een voedingsdagboek bijgehouden en een vragenlijst ingevuld. Op de dag van de testen in de polikliniek meten we bij de patiënten de handknijpkracht, de lichaamssamenstelling en het energieverbruik.

Daarnaast is er een bloedtest om de darmvitaliteit te meten en een ontlastingsonderzoek. De testen duren een halve dag, die door de patiënten als intensief wordt ervaren.

Het is de bedoeling dat de testen ons een goed beeld gaan geven van het verloop van de voedingstoestand rondom de behandeling. Zodat we in de toekomst patiënten beter kunnen adviseren op voedingsgebied en hun levenskwaliteit kunnen verbeteren.

Mevrouw F. van de Blom is een van de patiënten die meedoet met de PAN NUTRIENT studie. Leest u haar verhaal.