Cookies
Essentieel
Analyse
Sociaal
Om deze website te verbeteren maken we gebruik van (anonieme) cookies. Bekijk ons privacy statement voor meer informatie
Privacy Instellingen

Orthomoleculaire therapie en kanker

Orthomoleculaire therapie en kanker

De term ‘orthomoleculair’ werd voor het eerst gebruikt in 1968, door professor Linus Pauling. Orthos komt uit het Grieks en betekent: juist, recht of gezond, en orthomoleculair staat voor: de moleculen betreffende. In de orthomoleculaire geneeskunde streeft men er dus naar met stoffen te werken die het lichaam zonder schade kan gebruiken en verwerken. Vaak worden daarbij hoge doseringen vitamines en mineralen geadviseerd. Het effect van orthomoleculaire therapie is echter niet wetenschappelijk aangetoond. Er bestaat zelfs tegengeluid uit de wetenschap die zegt dat hoge doseringen van sommige antioxidanten het risico op kanker vergroten.

In Nederland bestaat een klein genootschap van een handje vol (basis)artsen die claimen zich op de hoogte te houden van relevante literatuur inzake niet toxische behandeling of orthomoleculaire behandeling van kanker. Hiermee willen ze een brug bouwen tussen de reguliere behandelingen en de orthomoleculaire behandeling. Ondanks dat er veel onderzoek hebben plaatsgevonden op diverse voedingssupplementen is er met name gekeken naar effecten op cellen en/of  proefdieren. Goede studies waarbij mensen met kanker worden behandeld ontbreken meestal. Gegevens over veiligheid en effectiviteit bij kanker ontbreken in de meeste gevallen.

Ondanks dat men aangeeft te werken met “stoffen die het lichaam zonder schade kan gebruiken en verwerken” blijft het hun voedingsadvies om elke dag 5 tot 10 bittere abrikozenpitten te nemen. Herhaald is aangetoond dat deze cyanide bevatten wat giftig is voor de mensen en waar onderzoek bij mensen met kanker laat zien geen enkel toegevoegde waarde te hebben.