De borsten van een vrouw bestaan uit vetweefsel en twaalf tot twintig klieren per borst, die elk afzonderlijk in de tepel uitmonden. Tezamen vormen ze wat de borstklier wordt genoemd.De ziekteBorstkanker is een kwaadaardige tumor in de borstklier, ook wel mammacarcinoom genoemd. Wanneer de kanker in de melkbuisjes ontstaat, spreken we van een ductaal carcinoom. Meestal groeit een ductaal carcinoom eerst in het holte van de buisjes, pas later dringt het door de wand heen en ontstaat een solide tumor. Soms ontstaat de tumor in de melkkliertjes en dit heet dan een lobulair carcinoom. Dit ontwikkelt zich meer verspreid door de borst, waardoor deze vorm vaak pas in een later stadium ontdekt wordt. Omdat de borstklier met de lymfeklieren in de oksel is verbonden, ontstaan hier meestal de eerste uitzaaiingen. De behandelbaarheid van de kanker is sterk afhankelijk van het stadium waarin de ziekte ontdekt wordt, maar vroegtijdige ontdekking biedt geen zekerheid op succesvolle behandeling, want het verloop van borstkanker is altijd onvoorspelbaar. De belangrijkste factor voor de succesvolle behandeling van deze tumor is het ontbreken van uitzaaiingen. | ![]() | |
Verschijnselen | | |
| Borstkanker is aanvankelijk niet pijnlijk en niet of nauwelijks waarneembaar. Daarom kunnen sinds 1990 vrouwen tussen 50 en 75 jaar zich via het bevolkingsonderzoek eens in de twee jaar laten onderzoeken op de aanwezigheid van zwellingen, afwijkend weefsel etc. Aan alle vrouwen die buiten het bevolkingsonderzoek vallen, wordt aangeraden om zelf iedere maand de borsten op verandering te controleren. Jong zijn garandeert helaas niet dat borstkanker tot de onmogelijkheden behoort en dikwijls krijgen vrouwen voor de overgang met de meest agressieve vorm van borstkanker te maken. Het is dus zinvol om zèlf te voelen of er bobbeltjes, knobbeltjes of veranderingen ontstaan. | Omdat kanker vaak tot verschrompeling en uitdroging leidt, kan de aanwezigheid van een tumor soms geconstateerd worden door veranderingen in de tepel en de tepelhof en door intrekkingen van de huid elders op de borst. Dergelijke vervormingen, het voelen van knobbeltjes en ook abnormale afscheiding uit de tepel zijn voldoende reden om naar de arts te gaan – ook tussen de een en de andere oproep voor het bevolkingsonderzoek in. Wanneer er een bobbeltje of bult is te voelen, kan dit snel groeien en uitzaaien. Stel controle door een arts dus nooit uit. Ook mannen die veranderingen bij het borstweefsel opmerken moeten hier alert op zijn en altijd deze veranderingen met hun arts bespreken. Niet dikwijls voorkomen betekent niet dat het niet kàn voorkomen. | |
Oorzaken | ||
| In 5 tot 10% van het aantal gevallen van borstkanker spelen erfelijke factoren een rol. Deze erfelijkheid is momenteel bij circa 20% van de betreffende gevallen met DNA-onderzoek aan te tonen. Inmiddels zijn diverse genen bekend waarbij een verandering, een mutatie, tot kanker kan leiden. De meeste bekende zijn BRCA1 en BRCA2. Belangrijke aanwijzingen voor erfelijke borstkanker zijn het vóórkomen van borstkanker bij vrouwen onder de vijftig jaar, kanker in beide borsten en eierstokkanker. Deze erfelijkheid is ook via de vader overdraagbaar. Algemene, niet-erfelijke factoren die een verhoogd risico op borstkanker geven, zijn: reeds eerder borstkanker of goedaardige zwellingen hebben gehad; jong gaan menstrueren (30% meer kans bij eerste menstruatie voor het 12de levensjaar); laat in de overgang komen (na de 55: 100% meer kans); geen kinderen hebben gekregen (100% meer kans); de ‘pil’ gebruiken; behandeling | met hormoonpreparaten voor overgangsklachten (30% met alleen oestrogenen, 150% met oestrogenen plus progestagenen). Ook overgewicht verhoogt de kans op borstkanker. Van alcoholgebruik is inmiddels (april 2009) duidelijk dat het de kans op met name borstkanker aanzienlijk verhoogt. Per glas alcoholhoudende drank per dag stijgt de kans op borstkanker met 12%. Vrouwen die een half jaar of langer borstvoeding hebben gegeven, lijken een iets verlaagde kans (22% minder) op borstkanker te hebben. Vrouwen wiens moeder tijdens de zwangerschap ter voorkoming van een miskraam het hormoon DES hebben gebruikt blijken een duidelijke verhoogde kans op de ontwikkeling van borstkanker. De oorzaken van het ontstaan van borstkanker bij mannen zijn uitgebreid onderzocht. Een verstoring van de hormoonbalans is een van de oorzaken. | |
Diagnostiek | Incidentie | |
Onderzoek begint bij het bevoelen of bekijken van de borst. | Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen. In Nederland wordt jaarlijks bij ruim 10.000 vrouwen borstkanker vastgesteld. Dat wil zeggen dat per 100.000 vrouwen jaarlijks bij 127 personen de diagnose borstkanker wordt gesteld. Voor mannen ligt dit getal op iets minder dan 1. Uiteindelijk krijgt volgens de huidige cijfers 1 op de 10 vrouwen borstkanker. | |
Behandeling | ||
Borstkanker is te genezen door verwijdering van de tumor. Vroeger werd daarbij de hele borst weggenomen en in gevorderde stadia van de ziekte is dat nog steeds nodig. Maar inmiddels zijn de technieken sterk verbeterd en wordt borstkanker dikwijls mede door de periodieke onderzoeken in een eerder stadium opgespoord. Dat maakt borstsparende amputaties mogelijk, waarbij alleen de nog kleine tumor wordt verwijderd. Hoewel ook in dit geval aan een borst te zien is dat een operatie heeft plaatsgevonden, tonen gemiddeld 8 op de 10 vrouwen zich tevreden met het resultaat. Na herstel van de wond volgt in de meeste gevallen zekerheidshalve een bestralingsbehandeling. Volledige amputatie (afzetten/totaal verwijderen) van een borst is een ernstig verminkende operatie en is dan ook zeker niet zonder psychische gevolgen voor een vrouw. Na amputatie is een reconstructie mogelijk, waarbij siliconen of lichaamseigen vet en spierweefsel onder de huid worden aangebracht. Is operatief ingrijpen niet mogelijk of niet zinvol, bijvoorbeeld omdat de kankercellen reeds zijn uitgezaaid, dan volgt een bestralingsbehandeling. Deze kan eventueel wordt aangevuld met chemotherapie en een hormonale behandeling bij een hormoongevoelige tumor (dit kan pas na de operatie aan de hand van het verwijderde weefsel worden geconstateerd). | Indien een chemokuur noodzakelijk is, is het altijd verstandig om gebruik van de nieuwste DNA micro-array techniek te maken. Met nieuwe micro-array testtechnieken is een veel duidelijker profiel van de tumor vast te stellen, dan alleen met de tumorgrootte en de histopathologische maligniteit (dit zijn de gebruikelijke onderzoekstechnieken). Met micro-array techniek kan men doordat men veel meer factoren onderzoekt en daar ook de samenhang van kan onderzoeken, vaststellen of het zinvol is om een chemokuur te doen of niet. Nu ondergaan mensen vaak een giftige chemobehandeling met alle bijbehorende nadelen zonder daar ook maar enig voordeel van te hebben. Een commerciële toepassing van deze test is de MammaPrint, waarvan de eerste resultaten veelbelovend waren. Momenteel wordt verder onderzoek met deze test uitgevoerd. Wanneer de okselklieren verwijderd moeten worden, omdat de schildwachtklier kankerweefsel blijkt te bevatten, heeft het lichaam daarna vaak moeite om vocht af te voeren. Dit kan leiden tot oedeem in de (boven)arm en een gevoel van krachteloosheid. Dit kan ook optreden na sterke bestraling. De behandeling van borstkanker bij mannen verschilt niet van die bij vrouwen. | |
Hormoonbehandeling | | |
| Bij een voor oestrogeen (vrouwelijk hormoon) gevoelige tumor wordt veelal voor de periode van 5 jaar een hormoonmanipulerend medicijn zoals tamoxifen voorgeschreven. Tamoxifen blokkeert de werking van het natuurlijke hormoon oestrogeen, dat de groei van borstkankercellen bevordert. Deze middelen kunnen als bijwerking overgangsklachten geven. Uit onderzoek blijkt dat deze medicijnen bij veel vrouwen een positieve werking hebben. Tamoxifen heeft zijn nut bewezen. In verband met een iets vergrote kans om baarmoederkanker te ontwikkelen is een regelmatige controle door de gynaecoloog gewenst. | Bij borstbesparende operaties is het ondanks de werkzaamheid van tamoxifen in Nederland een standaardbehandeling, ongeacht de leeftijd, om toch te bestralen. Onderzoek laat zien dat bij 7,7% van de vrouwen de kanker opnieuw verschijnt bij alleen een operatie en tamoxifen, tegen 0,6% bij een operatie met een bestralingsnabehandeling en tamoxifen. Bij vrouwen boven de 70 jaar ligt dit iets anders omdat dan de nadelen van de bestraling zwaarder gaan wegen door de grotere sterfte aan hartziekte. (New Engeland Journal of Medicine, 2 sept 2004). Ander onderzoek noemt iets minder gunstige getallen (een drievoudige verbetering) maar zeker is dat nabestraling de kans op terugkeer van de kanker verbetert. | |
Aanvullende behandeling | Resultaten | |
| Als ondersteuning van of aanvulling op de reguliere behandeling van de specialisten in het ziekenhuis, kunnen mensen met kanker ook zelf wat doen, namelijk gaan eten volgens de voedingsadviezen van de niet-toxische tumortherapie. Daarnaast is het ook mogelijk om behalve echt gezonde voeding ook extra voedingssupplementen, vitamines en mineralen te gaan gebruiken. Dit heet orthomoleculaire geneeskunde. Ga niet zelf hobby-en, maar zoek hiervoor een arts met ervaring op dit gebied. Met goede voeding en extra voedingssupplementen blijken veel mensen een hogere kwaliteit van leven te krijgen, in diverse gevallen ook langer te leven en in een enkel geval zelfs te genezen. Hoewel er tot nu toe nog weinig statistische bewijzen zijn voor zo’n behandeling, lopen er in Nederland diverse mensen rond die ervan overtuigd zijn dat zij hun leven aan deze behandeling te danken hebben. | Wordt borstkanker in een vroeg stadium ontdekt en behandeld, dan is de vijfjaars overleving 80 tot 90%. Dit cijfer neemt scherp af als de ziekte reeds verder gevorderd is en enige garantie op genezing valt niet te geven, met name niet omdat borstkanker zich soms zeer snel en agressief kan ontwikkelen. |



