meedoen aan trials en wetenschappelijk onderzoek

Mensen zijn vaak geneigd zich aan elke mogelijkheid om van kanker te genezen of iets langer te leven vast te klampen. En dat is heel begrijpelijk. Dus als een arts u voorstelt mee te doen aan een onderzoek naar een nieuwe behandelmethode (dat noemen we een Glossary Link trial; een proef), voelt dat vaak als een kans. Maar voordat u beslist of u dat daadwerkelijk wilt doen, is het belangrijk goed te weten wat u te wachten staat.

Waarom is onderzoek nodig?

In de westerse wereld moeten alle reguliere behandelingen 'evidence based' zijn. Dat betekent dat de werkzaamheid bewezen moet zijn door wetenschappelijk onderzoek. Zo ook de behandelingen tegen kanker. Maar voordat een behandeling evidence based is, moet er dus veel onderzoek verricht worden. Dat onderzoek verloopt in verschillende stadia. Zo is er in het begin meestal een laboratoriumonderzoek. Als dat hoopvolle verwachtingen schept, volgt er onderzoek op dieren. Maar uiteindelijk zal een nieuwe methode ook op mensen getest moeten worden. En voor dat onderzoek worden dus patiënten gevraagd. Maar wat mag u daarvan verwachten?
Het antwoord op die vraag hangt sterk af van de fase waarin het medicijn getest wordt. Een medicijnonderzoek bij mensen vindt namelijk plaats in drie fasen:

Fase 1: wordt het middel verdragen door mensen?

In fase 1 van een trial kijkt men of een mens (de patiënt dus) het middel kan verdragen en of het resultaten geeft. Bij kankerpatiënten gaat het vaak om heftige (giftige) medicijnen en artsen hebben in dit Glossary Link stadium geen ervaring met hoeveel een patiënt van een nieuw geneesmiddel kan verdragen. Men begint daarom voorzichtig en voert de dosis op.
Over de werkzaamheid, laat staan over de genezing van de patiënt, is in dit stadium nog niks te zeggen. Veelal vragen onderzoekers aan uitbehandelde patiënten, die vaak al erg ziek zijn, of zij aan zo'n onderzoek willen deelnemen. De patiënt zelf heeft in deze fase bijna nooit voordeel van zijn medewerking aan de trial. Bij heftig werkende medicijnen ondervindt de patiënt duidelijk wel nadelen.

Fase 2: wat is de werking van het middel?

In fase 2 wordt de werkzaamheid van een medicijn getest. Bij kankerpatiënten kijkt men bijvoorbeeld of de tumor slinkt (wat is de tumorrespons) en welke hoeveelheid van het medicijn daarvoor nodig is.
Aan kankerpatiënten wordt vaak gevraagd om aan een fase 2 onderzoek mee te doen wanneer zij niet meer op de gebruikelijke behandelingen reageren.

Fase 3: wat is de werking t.o.v. een ander middel?

In de derde en laatste fase wordt het nieuwe medicijn getest ten opzichte van de werking van een oud medicijn. Pas na deze fase kan men echt vaststellen of het middel beter is dan het oude. Arts en patiënt weten dan beiden niet welk middel iemand krijgt (dat heet: dubbelblind onderzoek, het is de hoogste standaard in wetenschappelijk onderzoek omdat er geen beïnvloeding kan plaatsvinden).
De patiënt weet in deze fase wel dat het om een werkzaam medicijn gaat (tenzij het wordt getest tegenover de werking van een placebo, een nepmedicijn). Dat geeft minder onzekerheid dan fase 1 en 2 onderzoeken, maar nog allerminst zekerheid over de resultaten voor iemand persoonlijk.

Informed Consent

Voor iedere fase in het testen van medicijnen is altijd eerst toestemming van de Ethische Commissie van het ziekenhuis nodig. Deze commissie bestaat over het algemeen uit onafhankelijke artsen en ethici.
Buiten de toestemming van die commissie moeten patiënten zelf ook altijd schriftelijk toestemming geven voordat een geneeskundige behandeling mag worden uitgevoerd. Om toestemming te kunnen geven moet een patiënt adequaat geïnformeerd zijn. Deze onlosmakelijke combinatie van informatie en toestemming wordt aangeduid als ' Glossary Link informed consent' (geïnformeerde goedkeuring). Bij een behandeling in het kader van een onderzoek, moet er daarom voorafgaand aan dat onderzoek een helder protocol worden opgesteld, waarin doel en werkwijze helder omschreven staan, evenals de risico's van de patiënt. Het kan en mag dus nooit gebeuren dat er zonder uitdrukkelijke toestemming van een patiënt aan een medisch experiment wordt meegedaan.

Zijn artsen onpartijdig?

Uiteraard zijn onderzoekers en artsen altijd optimistisch over de kansen van een nieuwe behandelmethode. Wat veel mensen niet weten is dat bij medicijnonderzoek de fabrikant meestal de artsen betaalt voor het uitvoeren van het onderzoek. Dat wil niet zeggen dat de arts daardoor niet betrouwbaar is, maar de arts is zeker niet belangeloos. Farmaceutisch onderzoek levert artsen en/of ziekenhuizen extra inkomsten op. De terechte vraag die daarbij rijst is of alle risico's wel altijd in het juiste perspectief aan de patiënt worden verteld en of deelname niet te positief wordt voorgesteld.
Bovendien wordt aan kankerpatiënten deelname aan een onderzoek gevraagd op een uiterst kwetsbaar moment, namelijk wanneer zijn of haar leven door kanker wordt bedreigd en eerdere behandelingen niet zijn aangeslagen.

Conclusie

Het meedoen aan een onderzoek vormt vaak een extra belasting voor een patiënt, zoals: meer controles, dus vaker naar het ziekenhuis, contact met meerdere artsen etc. Nog afgezien van eventuele bijwerkingen van onbekende middelen. Natuurlijk is onderzoek nodig, en brengt het ons verder in de strijd tegen kanker. Maar kankerpatiënten mogen zich best afvragen of zij die extra belasting aankunnen, of dat zij in het laatste stadium van hun leven kiezen voor rust en nog zoveel mogelijk kwaliteit van leven. De wetenschap is met hun deelname gediend. Maar de kans op persoonlijke positieve resultaten van het onderzoek is vrij klein. Wie zich dat realiseert maakt een werkelijk vrije keuze om al dan niet mee te doen aan een trial.

AddThis Social Bookmark Button
a  a  a